Export ontwerp Patiënten/Behandelingen toevoegen

Als je zelf een exportontwerp wil maken voor een export "Patiënten/behandelingen", volg je de volgende stappen.  

  1. Klik op menu [Systeem], [Ontwerpen], [Exports].
  2. Klik op .
  3. Vul de velden in.

    Veld

    Omschrijving

    Volgnummer:

    Dit nummer wordt automatisch ingevuld als je de gegevens bewaart.  Je kunt ook zelf een nummer invullen.

    Exportnaam:

    Typ een naam voor het exportontwerp in.

    Soort export:

    Kies voor "Patiënten/Behandelingen", anders is het ontwerp niet beschikbaar bij het uitvoeren van een export voor patiënt- en/of behandelgegevens.

  4. Bewaar de gegevens ("F5" of  ).
  5. Klik op "Configureer"; het scherm "Exportinstellingen" wordt geopend op tabblad "1. Algemeen". Zie hierna voor de beschrijving van de instellingen.

Exportinstellingen

Bij een exportontwerp kun je aanvullende instellingen doen.

  1. Je hebt het scherm "Exportinstellingen" geopend.
  2. Vul de velden in.

    Veld

    Omschrijving

    Formaat:

    Kies voor "Tekst met veldscheidingsteken" als de velden gescheiden moeten worden met een veldscheidingsteken. Kies voor "Tekst met vaste lengte" als de tekst niet gescheiden moet worden met veldscheidingstekens.  

    Veldscheidingsteken:

    Als je bij het veld "Formaat:" hebt gekozen voor "Tekst met veldscheidingsteken", kun je in dit veld aangeven met welk teken je de velden van elkaar wilt scheiden. Standaard is hier het teken ";" ingevuld.

    Aanhalingstekens:

     Dit veld is alleen beschikbaar als je bij het veld "Formaat:" hebt gekozen voor "Tekst met veldscheidingsteken".

    Kies voor "Altijd" als je aanhalingstekens altijd in de export mee wil nemen. Kies voor "Als scheidingsteken, aanhalingsteken of regeleinde voorkomt" als je alleen aanhalingstekens wil gebruiken als er een scheidingsteken, aanhalingsteken of regeleinde voorkomt.

    Aanhalingsteken:

     Dit veld is alleen beschikbaar als je bij het veld "Formaat:" hebt gekozen voor "Tekst met veldscheidingsteken".

    Typ het teken in dat gebruikt moet worden. Standaard is het aanhalingsteken " ingevuld.

    Regeleinde:

    Kies waarmee de gegevens van één regel eindigen.

  3. Vul de velden in de rubriek "Standaard veldeigenschappen" in.

    Warning

    Deze rubriek is alleen beschikbaar als je bij het veld "Formaat:" hebt gekozen voor "Tekst met vaste lengte".

    Veld

    Omschrijving

    Standaard:

    Typ een teken in dat als opvulteken gebruikt moet worden.

    Alfanumerieke velden:

    Klik op  en kies of je de gegevens "Links" of "Rechts" wil uitlijnen. Typ in het veld "Opvulteken:" het teken dat je wil gebruiken als opvulteken.  

    Numerieke velden:

    Klik op  en kies of je de cijfergegevens "Links" of "Rechts" wil uitlijnen. Typ in het veld "Opvulteken:" het teken dat je wil gebruiken als opvulteken. Standaard wordt "0" ingevuld.

  4. Vul de velden in de rubriek "Notatie:" in.

    Veld

    Omschrijving

    Decimaal scheidingsteken:

    Vul het teken in dat je wil gebruiken voor decimalen. Standaard is een komma ingevuld.  

    Duizendtallen scheidingsteken:

    Vul het teken in dat je wil gebruiken voor duizendtallen. Standaard is een punt ingevuld.

  5. Klik op tabblad "2. Indeling".

    Onderin beeld zie je verschillende tabbladen om de indeling te maken (in het voorbeeld "Export instellingen" en "Contactpersonen"). Welke tabbladen je ziet, hangt af van het type export wat je aan het maken bent. Per tabblad kun je aangeven welke velden je wil exporteren. Per veld kun je vervolgens aangeven wat de uitvoer moet zijn. 
  6. Vul de velden in de rubriek "Velden:" in. 

    Veld

    Beschrijving functies

    Velden:

    Zet vinkjes in de vakken bij de velden die je wil opnemen in de export. Standaard zijn alle velden aangevinkt.

    De volgorde van de velden kun je veranderen door eerst het veld aan te klikken en vervolgens op  of  te klikken.

    Klik op  om een veld toe te voegen. Een nieuw veld wordt altijd onderaan de lijst toegevoegd. Klik op  om toegevoegd veld te verwijderen.

    Rechts van de rubriek "Velden:" zie je hoeveel tekens er voor het veld gereserveerd worden ("Grootte:") en de positie ("Positie:") van het veld in het exportbestand.

  7. De rubriek "Uitvoer:" kun je voor elk veld apart instellen; klik aan de linkerkant op het veld.
  8. Vul de velden in de rubriek "Uitvoer:" in.

    Veld

    Beschrijving functies

    Veldlengte:

    Typ in uit hoeveel tekens de inhoud van het veld bestaat. Dit aantal tekens wordt in de export gereserveerd.

    Als je de waarde 0 (nul) invult, bepaalt Intramed automatisch hoeveel tekens er nodig zijn.

    Uitvoerformaat:

    Bij sommige velden (zoals bij "Datum"-velden), kun je hier aangeven hoe de uitvoer eruit moet zien. Klik op  en klik op je keuze (bijvoorbeeld d'/'m/'y in plaats van yyyymmdd).

    Vaste tekst:

    Bij zelf toegevoegde velden kun je hier een vaste tekst intypen, die in de export te zien is.

    Uitlijning:

    Als het veld beschikbaar is klik je op en kies hoe je de tekst uitgelijnd moet worden.

    Aangepast opvulkarakter: 

    Vink het vak vóór dit veld aan, als je een ander opvulteken wil gebruiken dan ingesteld op tabblad "1. Algemeen". Typ het teken in.

     Deze knop is alleen beschikbaar bij velden waarbij een numerieke waarde ingevuld kan worden.

    Je kunt aangeven dat de inhoud van het veld op een andere manier geëxporteerd moet worden. Het geslacht "Vrouw" moet bijvoorbeeld worden geëxporteerd als "V".

    Je kunt per veld aangeven dat de inhoud van het veld moet worden vertaald naar een andere waarde. Je wil bijvoorbeeld de waarde "Geachte" exporteren als waarde "Beste".

    Typ in het veld "Uitvoerwaarde:" de waarde die je wil exporteren. Klik op "Toevoegen". Als je op deze manier een regel hebt toegevoegd, zijn de velden in de rubriek "Condities:" beschikbaar.

    Klik op  bij "Veld:" en kies het veld waarbij je de uitvoer wil veranderen. Klik op en geef aan wanneer de uitvoer de nieuwe uitvoerwaarde moet krijgen; als het veld "is gelijk aan", "is niet gelijk aan", "is kleiner dan" etc. aan de waarde die je invul in het veld "Waarde:". Vul het veld "Waarde:" in. Klik op "Toevoegen".

    De regel die je op deze manier kunt opstellen is bijvoorbeeld "als "Mobiel" = "0", dan "Mobiel nummer is niet ingevuld"". Dus als er bij het veld "Mobiel" de waarde "0" is ingevuld, wordt de waarde "Mobiel nummer is niet ingevuld" geëxporteerd.

  9. Klik op "OK".
  10. Stel eventueel bij andere velden (en op andere tabbladen onder in beeld) een andere uitvoer in.
  11. Klik op "OK"; het exportontwerp is opgeslagen.